Voortbestaan

Huis te Vraag: Dat het nog bestaat!

“Dat het nog bestaat” , een veel gehoorde verwondering van veel bezoekers op Huis te vraag. Toch maken wij (vrienden van Leon en Willemijn van der Heijden) ons zorgen over de toekomst van deze plek en dat willen we graag onder uw aandacht brengen.

Begin jaren 60 kocht de gemeente Amsterdam de begraafplaats Huis te Vraag aan de Schinkel in Zuid. De dag erop werd deze gesloten en vergeten.

Eind jaren 80 was er wel belangstelling voor de grond van de begraafplaats, want inmiddels had de stad Amsterdam zich al tot voorbij de begraafplaats uitgebreid. Maar toen lieten de doden nog van zich nog horen: de grafrechten verhinderde verdere ontwikkeling van plannenmakerij.

Het gevolg was dat er geen onderhoud meer op de begraafplaats werd gepleegd. Alles verwilderde waardoor de tuin meer weg had van een compleet verwaarloosde  zandverstuiving. Bomen en struiken hadden de geest gegeven. Alleen de klimop, de plant van het eeuwige leven, woekerde verder. Leon Jozef van der Heijden was toch zo moedig om in 1987 een sollicitatiebrief te schrijven met de gedenkwaardige tekst: “Ik zou daar graag iets tot stand brengen”

Rembrandt zag het, Hendrik van Teylingen voelde het, en Leon Jozef van der Heijden heeft er zijn levenswerk van gemaakt.

Ruim 30 jaar van hun leven besteden Leon en zijn vrouw en muze Willemijn aan het scheppen, onderhouden en behouden van dit aardse paradijs. De dooie boel werd een levenselixer voor velen, met Leon als tovenaar. De behoeder van de Stemming.
Maar hij moest al die jaren ook als een generaal van het dode leger ruim 30 jaar lang strijden om de verborgen parel te beschermen tegen de gretige projectontwikkelaars en de oprukkende stad. Dankzij die inzet behoort het project inmiddels tot de Hoofdgroenstructuur van Amsterdam en daarbij is het een cultuurhistorisch monument met haar eigen gebruiksregels, onderhoud en biodiversiteit.

Maar toch is nu weer een acute dreiging.

Leon is helaas zeer recent naar ‘gene zijde’ vertrokken en kan dus niet meer in de bres springen voor Huis te Vraag
De natuur op Huis te Vraag lijkt de komende tijd haar gang te kunnen gaan onder toeziend oog van Katja Kandelaars en Gitte Jans die de kunst van het tuinonderhoud van Leon voortzetten. Met andere woorden de tuin staat als een huis.

Het huis wankelt. Het huis wordt bedreigd

Deze keer heet het naderende onheil: Grond en Commercieel van de gemeente Amsterdam. Zij willen renoveren en tot die tijd hebben zij een tijdelijke invulling op hun vizier hebben: anti-kraak

Leon heeft in de 30 jaar dat hij leefde woonde en werkte op huis te vraag een paradijs gecreëerd en dat paradijs ook al die jaren behoed/beschermt tot de dood er op volgde. De bijzondere sfeer in de tuin is onmiskenbaar verbonden met (het gebruik) van het gebouw.
Zoals Leon schreef in een van zijn boeken:

Wanneer je vanaf het middenpad terugkijkt op het Huis (de voormalige Aula) zie je ‘ein schönes Anwesen’, een mooie aanwezigheid, hoewel het niet echt een mooi gebouw is. Het is mooi door de manier waarop het te midden van dit alles is. Het gaat dus niet alleen om het gebouw, zoals het er uitziet, maar ook om de manier waarop het hier op deze plek zijn werking heeft.”

Duidelijker kon Leon het niet verwoorden: tuin en huis horen onverbrekelijk bij elkaar. Vandaar dat de nieuwe functie van het gebouw één geheel met de tuin moet blijven.

Aangezien Leon er niet meer is om dit te benadrukken en Willemijn tegenwoordig in een verpleeghuis verblijft, is het pand onderwerp van vele gesprekken geworden, De talloze beschouwingen die wij hadden met Leon en Willemijn over de toekomst van het woongedeelte annex atelier lijken ons de enige van belang bij het ontwikkelen van een nieuwe invulling/ functie van het gebouw

Nagenoeg (geheel) overbodig gezien het pand grotendeels nog in gebruik is door de tuinvrouwen en vrijwilligers.Uiteraard snappen wij ook wel dat er groot onderhoud noodzakelijk is. Samen met Leon en Willemijn hebben we ook plannen gemaakt voor het gebruik van het gebouw voor de lange termijn. We zijn evenwel overvallen door de recente ontwikkelingen. Vandaar dat we besloten hebben onze plannen goed te funderen. Het oprichten van een Stichting is daar een uitvloeisel van met als doel:

her behoud van de Stemming op Huis te Vraag in de geest van Leon en Willemijn.

Tegelijkertijd zijn we druk bezig om de lange termijn-visie te ontwikkelen en vast te leggen, waarbij we het ontvangstgebouw weer in oorspronkelijke staat willen terugbrengen, uitgebreid met een aantal veelbelovende activiteiten.

Binnenkort publiceren we deze op onze website.

De Stemming*
Eigenlijk is er maar één manier om de Stemming te bewaren en dat is zelf in die Stemming bewaard te blijven. In de gewone omgangstaal wil dat zeggen, ‘met rust gelaten te worden.’ De Stemming wordt niet veroorzaakt en is nergens het resultaat van, maar zij is zelf de oorzaak of beter gezegd de drager van het zo zijn van alles wat hier is. Je kunt de Stemming wel verjagen of vernietigen, maar niet maken, de Stemming is niet maakbaar, zij is een gunst van de natuur net als het weer. Er moet altijd Stemming zijn, zoals er ook altijd Weer moet zijn, zonder Stemming of zonder Weer kan niets bestaan. Zolang wij in die Stemming bewaard kunnen blijven, zullen wij in staat zijn Huis te Vraag te bewaren en te behoeden.



Voor nu: het resultaat van ons vergezichten voor de tijdelijke toekomende tijd voor het huis van te Vraag.

HUIS te Vraag: van groot belang te blijven (voort) bestaan.

De Stemming op Huis te Vraag, met andere woorden:
Met ontzag voor de natuur met als resultaat onderdeel van hoofdgroenstructuur (Principenota Schinkelkwartier 2020),
met respect voor de zichtlijnen van het pre stedelijk karakter van begin 20e eeuw
(Jouke van der Werf, Monumentenzorg Gemeente Amsterdam, 2020),
met waardering voor het oorspronkelijke ontwerp van de protestante begraafplaats (Scriptie Mirre Berkhof Wageningen University, 2017),
in het leven roepen van een bijzondere sfeer in deze oase, zeker in de coronatijd, even weg van alles
(bezoeker, 2020)
met bewondering voor het ensemble van begraafplaats Huis te Vraag: het ontvangstgebouw, de hele begraafplaats met gedenktekens, de groenvoorziening, het toegangshek, het portiersgebouw en het zuidelijk gelegen weiland
(Bierenbroodspot & Van der Werf, 2009),
het creëren van een stilteplek in een dicht stedelijke gebied
(Trouw, 2011),
een gevoel van contemplatie
(bezoeker 2018),
met oog voor het funeraire cultuur van vroeger: Verschillende elementen op begraafplaats Huis te Vraag herinneren aan de funeraire cultuur van vroeger. Nederland was gedurende het in gebruik zijn van de begraafplaats een echte klassenmaatschappij
(Van Eeckhoutte, 2015),
of er komen mensen die op zoek zijn naar hun overgrootouders, andere bezoekers van de groene necropolis zijn onder meer kikkers, ringslangen, uilen, buizerds en ijsvogels. (NRC 2020).


Leon Jozef van der Heijden: (de meester spreekt:)

“De hele wereld willen redden, dat kun je niet menen, maar een symbolische hectare…”

“Na decennia te hebben rondgezworven als een dolende ziel had ik iets gevonden waar ik me aan kon wijden.”

“De begraaftuin als Paradijs is… een katholiek… idee. Het paradijs wordt niet gekenmerkt door graven of de dood. Het accent in…onderhoud ligt dus niet op het kerkhof achtige of de graven, maar meer op de tuin als geheel “

Al het werk wordt met de hand gedaan, machines komen er bijna niet aan te pas, lawaai hoort hier niet thuis”
“Weiland van het uitzicht: niet alleen op het Amsterdamse Bos dat in de verte aan de horizon verschijnt, maar ook op ‘gene zijde’”